Black-out : roman
Details
338 p.
Besprekingen
De Standaard
Op een mooie namiddag in het residentiële Blankendaal raakt Grace met de SUV van haar ex van de weg. Ze rijdt dwars door de omheining de tuin in van een villa waar op dat moment een kinderfeestje aan de gang is. De jarige dochter raakt onder het wiel en laat het leven.
Die openingsscène wordt filmisch, feitelijk en van buitenaf beschreven. De honderd hoofdstukjes die daarop volgen, tonen de gevolgen van het ongeval voor de verschillende betrokkenen vanuit hun standpunt.
De moeder van het meisje vervalt in depressieve gevoelens, de vader - een internationaal gereputeerd zakenadvocaat - werpt zich op praktische zaken zoals de organisatie van de uitvaart en de juridische mogelijkheden om de doodrijder van zijn dochter achter de tralies te krijgen en financieel te pluimen. Grace zelf is totaal in de war: ze is verantwoordelijk voor wat er gebeurde en ze heeft een verterend schuldgevoel, maar of ze ook schuldig is, is een heel andere vraag. Het antwoord daarop heeft grote consequenties: als ze de gevangenis in moet, verliest ze haar dochter.
Wat niet helpt bij de waarheidsvinding, is Grace' tijdelijke bewustzijnsverlies, de black-out uit de titel. Als ze ontwaakt in het ziekenhuis weet ze niet wat er gebeurd is - het moet haar verteld worden. Die taak neemt de advocaat van haar ex op zich. Meteen wordt het relaas van de feiten gemanipuleerd; hij probeert haar zijn versie van de feiten aan te praten. Deze gehaaide hufter heeft namelijk een achterliggend doel: zogenaamd in het belang van het kind Grace het hoederecht over haar dochtertje ontnemen.
Zo lijkt elk van de personages het ongeluk te interpreteren vanuit zijn eigen invalshoek en in te zetten voor zijn eigen agenda. Een koppel dat actie voert tegen het drukke verkeer in de buurt manifesteert zich, maar hun engagement blijkt voort te komen uit een persoonlijk trauma. De openbaar aanklager, zelf moeder, wil de zaak voor de strafkamer brengen, naar eigen zeggen om recht te doen aan de verontwaardiging en het verdriet, maar ze laat zich daarbij door emoties leiden eerder dan door de feiten. Elk hebben ze een visie op de feiten die begrijpelijk is.
Begrip
De waarheid blijkt een kwestie van perspectief. Gaandeweg begint ook Grace dat in te zien dankzij de pro-Deoadvocaat die haar bijstaat. Zij maakt haar duidelijk dat de raadsman van haar ex haar erin probeert te luizen en dat zijn schijnbaar heldere kijk op de zaak een illusie is: “Het betekent dat je moet beseffen dat de waarheid niet uit één stuk bestaat, maar uit talloze losse stukjes.” Het is maar net hoe die in elkaar vallen.
Met Black-out keert P.F. Thomése terug naar het thema dat hij in het aangrijpende Schaduwkind behandelde: het verlies van een kind. Ook in deze roman beschrijft hij de uiteenlopende en verwarrende gevoelens die dat met zich meebrengt: hysterie, depressie, verdringing, berusting, jaloezie, schaamte, schuldgevoel, wraaklust, ... Onder de handen van een mindere schrijver zou dat tranerig kunnen worden, maar Thomése schrijft bijzonder invoelend, genuanceerd en met een uitzonderlijk doorzicht in de menselijke ziel. Zo weet hij begrip op te wekken voor elk van de personages en hun nochtans tegenstrijdige gevoelens - het is iets wat alleen de grootsten kunnen.
Behalve een psychologische roman van de eerste rang is Black-out ook bijzonder spannend. Dat klinkt misschien vreemd voor een verhaal waarin de gebeurtenis waar het allemaal om draait helemaal aan het begin zit, maar de verwikkelingen die volgen zijn meeslepend. De spanning die het ongeluk zet op de onderlinge relaties, de kwestie of er al dan niet een ander voertuig bij het ongeluk betrokken was, de onzekerheid of de black-out al dan niet voorgewend is als juridisch en psychologisch verdedigingsmechanisme, en de vraag of de ware toedracht uiteindelijk gevonden wordt, maken van Black-out een pageturner waarin je net als de personages de waarheid bij elkaar moet puzzelen.
Prometheus, 344 blz., € 24,99.
De Volkskrant
De tijd dat P.F. Thomése zich nadrukkelijk afficheerde als een auteur die uitsluitend voor fijnproevers schrijft, is al lang voorbij. De ommekeer kwam met Schaduwkind (2003), het rouwboek over zijn piepjong overleden dochtertje dat een grote schare lezers diep in het hart raakte.
Voor Thomése zelf betekende Schaduwkind méér dan een verwerking van zijn rouw, dit boek verloste hem ook van het literaire keurslijf waarin hij zichzelf had gehesen. 'Ik had nooit gedacht dat ik zoiets zou kunnen schrijven', zo zei hij in een recent interview in Trouw. Later gingen alle remmen los in de drie J. Kessels-romans, waarin hij zo ongeveer alle regels van de goede smaak met bootwerkerslaarzen trad.
Maar Thomése bleef zijn highbrow-wortels trouw, getuige bijvoorbeeld zijn vorige roman Swansdale (2022), een op een flinterdunne plotlijn balancerend verhaal over twee adolescenten die zich sterk tot elkaar aangetrokken voelen maar elkaar alleen in hun gedachten kunnen vinden.
Zijn nieuwe roman Black-out is daarentegen weer een boek waar je doorheen glijdt en dat je uit hebt voordat je er erg in hebt. Behapbare zinnen, korte hoofdstukken, toegankelijk woordgebruik, herkenbare personages, een vertrouwde setting en een chronologisch opgediend verhaal dat in een soepele cadans wordt verteld: de schrijver lijkt geen moeite te hebben gespaard om het de lezer zo makkelijk mogelijk te maken.
Niet dat het ontbreekt aan serieuze thema's. En hoe kan het ook anders na de gruwelijke aftrap van het verhaal. In het paradijselijke kakkersdorp Blankendaal (een mengeling van Bloemendaal en Aerdenhout, aldus de schrijver) is stemactrice Grace Rainville op weg naar haar ex-man, die daar kortgeleden een prachtvilla heeft betrokken met zijn nieuwe liefde, topmodel Kelsey.
Grace wil hun dochter bij hem afzetten, maar ze verdwaalt en raakt op een gegeven moment de controle over het stuur kwijt. Zonder zich er later ook maar iets van te kunnen herinneren rijdt ze de SUV van haar ex-man de tuin van de familie Blijenberg in. Daar wordt een kinderfeestje gehouden omdat de dochter des huizes (Pippa) na de zomervakantie de sprong van groep 2 naar groep 3 zal maken. Maar zover komt het niet. Pippa overlijdt ter plekke.
Iedereen reageert weer anders op het vreselijke ongeluk, maar er tekenen zich wel patronen af. Pippa's moeder (Tessel) en Grace laten het verdriet toe, Pippa's vader (Mark) en Graces ex-man (Dave) lopen ervoor weg. Deze tegenstelling is de belangrijkste rode draad die door Black-out loopt. De overige personages zijn niet of nauwelijks meer dan karikaturen van botte zelfzucht. Neem de buurtmoeder die weken na de uitvaart zonder blikken of blozen aan Tess vraagt of haar twee dochtertjes een keertje bij haar langs mogen komen om afscheid te kunnen nemen van het speelgoed van hun overleden vriendinnetje. Goed voor hun rouwverwerking!
Een karikatuur, dat is Black-out in zijn hoedanigheid van zedenschets van de rijke, in zichzelf gekeerde wittemensenwereld waarvan Blankendaal ('het reservaat') het sneue middelpunt vormt. Maar dankzij de mentale worstelingen van Tessel, Mark, Grace en tot op zekere hoogte ook Dave is Black-out daarnaast een psychologische roman over verlies, rouw en schuldgevoel. Als zodanig overtuigt de roman vooral dankzij Tess en Grace. Thomése weet de verschillende fasen en schakeringen van hun trauma's en van de verknoping van hun gevoelens op overtuigende wijze inzichtelijk en navoelbaar te maken.
Mark en Dave, twee succesnummers in de wereld van het grote geld, komen minder goed uit de verf. Thomése heeft wel geprobeerd om ze uit te tillen boven het cliché en de karikatuur, maar dat is niet goed gelukt. Zeker, Dave heeft te kampen met schuldgevoelens ten aanzien van Grace en met de leegte van zijn professionele succes. En ja, Mark houdt zijn rol van rationele struisvogel niet vol en krijgt het een aantal malen te kwaad met zichzelf.
Maar Dave is als personage te weinig uitgewerkt om echt indruk te maken, terwijl Mark eendimensionaal blijft. Zijn tragiek wordt aan het zicht onttrokken doordat Thomése hem uitsluitend in gemeenplaatsen laat denken en maar blijft hameren op zijn foute houding en abjecte gedrag.
Keer op keer legt hij uit dat Mark ook in deze dieptreurige omstandigheden denkt in termen van aanpakken en oplossen. En op een gegeven moment weet je wel wat voor vlees je in de kuip hebt wanneer Marks lid voor de zoveelste keer opspeelt in de buurt van een aantrekkelijke vrouw. De schoft! Zelfs van een woeste testrit in een Jaguar raakt hij opgewonden ('Ik voel me alsof ik ben vreemdgegaan met een waanzinnig lekker wijf. En nu sta ik voor m'n eigen huis en vraag ik me af: hoe vertel ik dit aan mijn vrouw?').
Al met al laat deze roman je achter met het onbevredigende gevoel dat de schrijver het de lezer wel érg makkelijk heeft gemaakt. Black-out moet het vooral van Tessel en Grace hebben, maar zelfs zij waren meer tot hun recht gekomen met minder herhalingen en minder uitleg.
Prometheus; 341 pagina's; € 24,99.